Kerkdienst 8 februari

Kerkdienst zondag 8 februari 2026 9:30 uur.

Voorganger: Ds Johannes van Beveren

Deze dienst wordt live uitgezonden via Youtube en de kerkradio.

Welkom en afkondigingen

Votum en groet en amen (gez)

Zingen opw 847 Onze schuilplaats is God

Er is hoop die groter dan de dood is,
er is leven, sterker dan het sterven.
Er is licht dat niemand ooit kan doven,
er is liefde die nooit teleur zal stellen.

Er is vrede, ver voorbij de onrust,
er is blijdschap, dieper dan de tranen.
Er is sterkte, zelfs in onze zwakte,
er is trouw die ons niet zal verlaten.
Onze hulp en onze verwachting is in U,
voor eeuwig.

Refrein 1:
Dus richten wij onze harten naar boven,
vertrouwen wij op de God die wij loven.
Niemand die ons uit uw handen kan roven,
een machtige rots, onze schuilplaats is God.

Er is troost die sterker dan de pijn is,
er is vreugde, groter dan ons lijden.
Er is antwoord, midden in de twijfel,
overwinning, dwars door al ons strijden.
Onze hulp en onze verwachting is in U,
voor eeuwig.

Refrein 2:
Dus richten wij onze harten naar boven,
vertrouwen wij op de God die wij loven.
Niemand die ons uit uw handen kan roven,
een machtige rots, onze schuilplaats is God.
Tot aan de dag dat U bij ons komt wonen,
en alle tranen voor altijd zal drogen,
is het uw Geest die ons helpt te geloven,
een machtige rots, onze schuilplaats is God.

Onze hulp en onze verwachting is in U. (3x)
Voor eeuwig.

(Refrein 2)

Schuldbelijdenis en genadeverkondiging (nav 1 Johannes 1 en 2)

1 Joh 1,5 en 2,3-17

Licht en duisternis
5 Dit is wat wij Hem hebben horen verkondigen en wat we u verkondigen: God is licht, er is in Hem geen spoor van duisternis.

13 Ik schrijf u, ouderen: u kent Hem die er is vanaf het begin. Ik schrijf u, jongeren: u hebt hem die het kwaad zelf is overwonnen.
14 Kinderen, ik schrijf u dus dat u de Vader kent. Ouderen, u schrijf ik: u kent Hem die er is vanaf het begin. Jongeren, u schrijf ik: u bent sterk, het woord van God blijft in u, en u hebt hem die het kwaad zelf is overwonnen.
15 Heb de wereld en wat in de wereld is niet lief. Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem,
16 want alles wat in de wereld is – begeerte, inhaligheid, pronkzucht –, dat alles komt niet uit de Vader voort maar uit de wereld.
17 De wereld met haar begeerte gaat voorbij, maar wie Gods wil doet blijft tot in eeuwigheid.

Zingen opw 627 Jezus, licht in de duisternis

Jezus, licht in de duisternis,
Jezus, Vaders getuigenis,
Jezus, liefde die eeuwig is,
ik prijs U.

Jezus, weg die ik volgen moet,
Jezus, waarheid volmaakt en goed,
Jezus, leven in overvloed,
ik prijs U.

Refrein:
Waar zou ik gaan zonder U,
waarom bestaan zonder U?
Jezus, mijn hoop en mijn kracht,
U bent mijn Heer, U bent mijn Heer.

Jezus, totdat ik bij U ben,
Jezus en U volkomen ken.
Jezus, geef ik mijn hart en stem
en prijs U.

Bidden

Kindmoment

Lezen Gen 2: 18-25

18 De HEER God zei: ‘Het is niet goed dat de mens alleen is, Ik zal een helper voor hem maken die bij hem past.’ 19 Toen vormde Hij uit aarde alle in het wild levende dieren en alle vogels, en Hij bracht die bij de mens om te zien welke namen de mens ze zou geven: zoals hij elk levend wezen zou noemen, zo zou het heten.
20 De mens gaf namen aan al het vee, aan alle vogels en alle wilde dieren, maar hij vond geen helper die bij hem paste.
21 Toen liet de HEER God de mens in een diepe slaap vallen, en terwijl de mens sliep nam Hij een van zijn ribben weg, en Hij sloot het lichaam weer op die plaats.
22 Uit de rib die Hij bij de mens had weggenomen, bouwde de HEER God een vrouw en Hij bracht haar bij de mens. 23 Toen riep de mens uit:
‘Dit is ze!
Mijn eigen gebeente,
mijn eigen vlees en bloed.
Vrouw wordt zij genoemd,
genomen uit een man.’
24 Daarom maakt een man zich los van zijn vader en moeder en hecht hij zich aan zijn vrouw, en zij zullen één lichaam zijn.
25 Beiden waren ze naakt, de mens en zijn vrouw, maar ze schaamden zich niet voor elkaar.

Lezen Matteus 19: 1-12

Leven met het oog op het koninkrijk van de hemel
1 Toen Jezus deze rede beëindigd had, verliet Hij Galilea en ging Hij langs de overkant van de Jordaan naar Judea.
2 Grote massa’s mensen volgden Hem, en Hij genas hen ter plekke.
3 Toen kwamen er farizeeën op Hem af om Hem op de proef te stellen. Ze vroegen: ‘Mag een man zijn vrouw om willekeurig welke reden verstoten?’
4 Hij zei: ‘Hebt u niet gelezen dat de schepper de mens bij het begin mannelijk en vrouwelijk heeft gemaakt?
5 En dat Hij gezegd heeft: “Daarom zal een man zich losmaken van zijn vader en moeder en zich hechten aan zijn vrouw, en die twee zullen één lichaam zijn”?
6 Ze zijn dus niet langer twee, maar één. Wat God heeft verbonden, mag een mens niet scheiden.’
7 Toen vroegen ze Hem: ‘Waarom heeft Mozes dan voorgeschreven haar een scheidingsbrief te geven en haar zo te verstoten?’
8 Hij antwoordde: ‘Omdat u halsstarrig bent, daarom heeft Mozes u toegestaan uw vrouw te verstoten. Maar dat is niet vanaf het begin zo geweest.
9 Ik zeg u dit: een man die om een andere reden dan ontucht zijn vrouw verstoot en met een ander trouwt, pleegt overspel.’
10 Hierop zeiden zijn leerlingen: ‘Als het met de verhouding tussen man en vrouw zo gesteld is, kun je maar beter niet trouwen.’
11 Hij zei tegen hen: ‘Niet iedereen kan deze kwestie begrijpen, alleen degenen aan wie het gegeven is.
12 Er zijn mannen die niet trouwen omdat ze onvruchtbaar geboren zijn, andere omdat ze door mensen onvruchtbaar gemaakt zijn, en er zijn mannen die niet trouwen omdat ze zichzelf onvruchtbaar gemaakt hebben met het oog op het koninkrijk van de hemel. Laat wie bij machte is dit te begrijpen het begrijpen!’

Zingen psalm 45: 4, 6 DNP 

4. ‘Bruid, kijk je ogen uit, geloof je oren;
vergeet de streken waar je bent geboren.
Besef verwonderd wat je hier ontvangt.
Hier is de koning die naar jou verlangt.
Hij is voortaan je heer, jij wordt de zijne.
Laat ieder heimwee uit je hart verdwijnen.
De rijken bieden je geschenken aan,
verlangen bij je in de gunst te staan.’

6. Nu is een nieuwe toekomst te verwachten;
uw zonen, koning, zie ik in gedachten.
In ieder land bestijgen zij de troon;
de oudste zoon krijgt eens uw eigen kroon.
De generaties door zal men u roemen;
uw naam zal men in alle eeuwen noemen.
Ik dicht dit lied zodat uw naam weerklinkt
en volk na volk voor eeuwig u bezingt.

Verkondiging

Zingen opwekking 378 Ik wil jou van harte dienen

Ik wil jou van harte dienen
en als Christus voor je zijn.
Bid dat ik genade vind, dat
jij het ook voor mij kunt zijn.

Wij zijn onderweg als pelgrims,
vinden bij elkaar houvast.
Naast elkaar als broers en zusters,
dragen wij elkanders last.

Ik zal Christus’ licht ontsteken
als het duister jou omvangt.
Ik zal jou van vrede spreken
waar je hart naar heeft verlangd.

Ik zal blij zijn als jij blij bent
huilen om jouw droefenis.
Al mijn leeftocht met je delen
tot de reis ten einde is.

Dan zal het volmaakte komen
als wij zingend voor Hem staan.
Als wij Christus’ weg van liefde
en van lijden zijn gegaan.

Bidden

Belijden

Zingen GK 211: wij knielen voor uw zetel neer

1. Wij knielen voor uw zetel neer,
wij, Heer, en al uw leden,
en eren U als onze Heer
met lied’ren en gebeden.
Dat alle macht, hoe hoog, hoe groot,
voor U, o Godsgetuige,
o Eerstgeboren’ uit de dood
zich diep eerbiedig buige!

2. Die ons, gereinigd door uw bloed,
tot priesters hebt verheven,
en ons de hoge rang, de moed
van koningen gegeven,
U zij de roem, U zij de lof,
U de eerkroon opgedragen!
Geheel de aard’ en ’t hemelhof
moet van uw eer gewagen.

3. U, die als Heer der heerlijkheid
verreest tot heil der volken,
verwachten wij in majesteit
eens weder op de wolken.
Ja, halleluja, ja Hij komt!
Juicht, mensen, eng’len, samen.
Juicht met een vreugd, die ’t al verstomt,
juicht allen! Amen, amen!

Geven en kinderen terug

Zingen psalm 127: 1, 2, 3 DNP 

1. Wanneer de HEER het huis niet bouwt,
heeft al je ploeteren geen zin;
het metselwerk stort zomaar in.
Wanneer de HEER de wacht niet houdt,
de stad niet tegen kwaad beschut,
heeft waken op de muur geen nut.

2. Al sta je voor het licht wordt op
en werk je ’s avonds laat nog door,
al gaan je zaken altijd voor,
het blijft maar vruchteloos getob –
zijn lievelingen zegent Hij:
volkomen vredig slapen zij.

3. Een groot geschenk, een erfenis
van God, zijn kinderen voor jou.
Je zoon, je dochter blijft je trouw.
Ze helpen als dat nodig is,
verdedigen je op het plein;
je zult gelukkig met hen zijn.

Zegen en amen (gez)

Geven:
Maak uw gift over op de rekening van de diaconie NL 70 RABO 0159 1200 20 t.n.v. Nederlandse Gereformeerde Kerk.
Of scan de QR-code.

 

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie