Kerkdienst 28 juni

Kerkdienst zondag 28 juni 2026 9:30 uur.

Voorganger: Ds Johannes van Beveren.

Deze dienst wordt live uitgezonden via Youtube en de kerkradio.

Wil je Jezus echt volgen – Eredienst 28 juni 2026 AD IJsselmuiden

Welkom en afkondigingen

Stil gebed
Votum, groet en amen

Zingen LB 289: 1-3 Heer het licht van uw liefde schittert

1. Heer, het licht van uw liefde schittert,
schijnt in donkere diepten, schittert
Jezus, licht voor de wereld, verlicht ons
door de waarheid die u geeft, bevijd ons.
Schijn op mij, schijn op mij.

Refrein:
Kom, Jezus, kom,
vul dit land met uw Vaders glorie;
blaas, Geest, ons aan,
zet ons hart in vlam,
stroom, overstroom
alle naties met uw genade.
Geef ons uw woord,
Heer, ontsteek hier het licht.

2. Heer, ik kom in uw stralend schijnsel,
uit de schaduw in uw nabijheid;
door uw zoon mag ik staan in uw luister,
toets mij, test mij, verteer al mijn duister.
Schijn op mij, schijn op mij,

Refrein.

3. Heer, hoe meer wij uw helder licht zien
en de weerglans op ons gezicht zien,
zal ons leven voor anderen stralen,
het verhaal van uw liefde vertalen.
Schijn in mij, schijn door mij.

Refrein.

Bidden

Kindmoment en kinderlied: GK 239 ‘k stel mijn vertrouwen op de heer mijn God (canon)

‘k Stel mijn vertrouwen
op de Heer, mijn God.
Want in zijn hand
ligt heel mijn levenslot.
Hem heb ik lief,
zijn vrede woont in mij.
‘k Zie naar Hem op en ‘k weet:
Hij is mij steeds nabij.

Lezen 1 Koningen 19: 13-21 en Lucas 9:51-62

13 Toen Elia dat hoorde, sloeg hij zijn mantel voor zijn gezicht. Hij kwam naar buiten en ging in de opening van de grot staan. Toen klonk een stem, die tegen hem zei: ‘Elia, wat doe je hier?’
14 Elia antwoordde: ‘Ik heb me met volle overgave ingezet voor de HEER, de God van de hemelse machten, maar de Israëlieten hebben uw verbond met hen naast zich neergelegd, uw altaren verwoest en uw profeten gedood. Ik ben als enige overgebleven, en nu hebben ze het ook op mijn leven voorzien.’
15 De HEER zei tegen Elia: ‘Keer terug en ga naar de woestijn van Damascus. Daar aangekomen moet je Hazaël tot koning van Aram zalven.
16 Jehu, de zoon van Nimsi, moet je zalven tot koning van Israël, en Elisa, de zoon van Safat, uit Abel-Mechola, moet je tot je eigen opvolger zalven.
17 Wie ontkomt aan het zwaard van Hazaël, zal gedood worden door Jehu. En wie ontkomt aan het zwaard van Jehu, zal gedood worden door Elisa.
18 Maar Ik zal in Israël zevenduizend mensen overlaten die niet voor Baäl hebben geknield en hem niet hebben gekust.’
19 Elia ging weg van de Horeb. Toen hij Elisa, de zoon van Safat, aantrof was deze aan het ploegen. Ze waren aan het werk met twaalf span ossen; Elisa liep achter het twaalfde span. Elia liep op hem af en gooide zijn mantel over hem heen. 20 Meteen liet Elisa zijn ossen in de steek en rende achter Elia aan. ‘Laat mij afscheid nemen van mijn vader en moeder,’ zei hij, ‘dan zal ik met u meegaan.’ ‘Doe wat je wilt,’ zei Elia. ‘Ik dwing je nergens toe.’
21 Elisa ging terug, slachtte zijn ossen, braadde het vlees op het hout van hun juk en bood het zijn knechten aan. Daarna ging hij met Elia mee als zijn dienaar.

Lezen Lucas 9:51-62

Op weg naar Jeruzalem
51 Toen de tijd naderde dat Jezus in de hemel zou worden opgenomen, ging Hij vastberaden op weg naar Jeruzalem.
52 Hij stuurde boden voor zich uit. In een Samaritaans dorp, waar ze kwamen om zijn komst voor te bereiden,
53 wilden de dorpelingen Hem niet ontvangen, omdat Jeruzalem het doel van zijn reis was.
54 Toen de leerlingen Jakobus en Johannes merkten dat Jezus niet welkom was, vroegen ze: ‘Heer, wilt U dat wij vuur uit de hemel afroepen dat hen zal verteren?’
55 Maar Hij draaide zich naar hen om en wees hen streng terecht.
56 Ze gingen verder naar een ander dorp.
57 Terwijl ze hun weg vervolgden, zei iemand tegen Hem: ‘Ik zal U volgen waarheen U ook gaat.’
58 Jezus zei tegen hem: ‘De vossen hebben holen en de vogels hebben nesten, maar de Mensenzoon heeft geen plaats waar Hij zijn hoofd te ruste kan leggen.’
59 Tegen een ander zei Hij: ‘Volg Mij!’ Maar deze zei: ‘Heer, sta me toe eerst terug te gaan om mijn vader te begraven.’ 60 Jezus zei tegen hem: ‘Laat de doden hun doden begraven, maar ga jij op weg om het koninkrijk van God te verkondigen.’ 61 Weer een ander zei: ‘Ik zal U volgen, Heer, maar sta me toe dat ik eerst afscheid neem van mijn huisgenoten.’
62 Jezus zei tegen hem: ‘Wie de hand aan de ploeg slaat en achterom blijft kijken, is niet geschikt voor het koninkrijk van God.’

Zingen: psalm 4: 1-3 DNP 

1. Wil antwoord geven op mijn vragen,
God, U die opkomt voor mijn recht.
Als slechte mensen mij belagen,
laat dan genadig uitkomst dagen.
Geef ruimte, luister naar uw knecht.
Mannen, hoelang nog moet ik lijden
om al je leugens over mij?
Blijf je toch niet aan laster wijden.
Wie hoopt op God zal Hij bevrijden.
Als ik Hem roep, dan antwoordt Hij.

2. Voel je je hart van boosheid beven,
bedwing je dan en zondig niet.
Weet in de nacht: God is verheven.
Schenk Hem het offer van je leven.
Blijf rustig tot Hij uitkomst biedt.
‘Wie geeft ons toekomst?’ vragen velen.
‘De angst knijpt onze kelen dicht.’
HEER, wilt U onze wonden helen,
ons in uw liefde laten delen?
Schenk ons uw licht, toon uw gezicht.

3. Mijn blijdschap is niet van beneden.
Ik hoef geen aardse overvloed.
Mijn hoop reikt verder dan het heden.
HEER, dankzij U rust ik in vrede.
Bij U in huis heb ik het goed.

Verkondiging

Zingen: Sela Toekomst vol van hoop

In de nacht van strijd en zorgen
kijken wij naar U omhoog,
biddend om een nieuwe morgen,
om een toekomst vol van hoop.

Ook al zijn er duizend vragen,
al begrijpen wij U niet,
U blijft ons met liefde dragen,
U die alles overziet.

U geeft een toekomst vol van hoop;
dat heeft U aan ons beloofd.
Niemand anders, U alleen,
leidt ons door dit leven heen.

U heeft ons geluk voor ogen.
Jezus heeft het ons gebracht.
Mens, als wij, voor ons gebroken
in de allerzwartste nacht.

U bent God, de Allerhoogste,
God van onbegrensde macht.
Wij geloven en wij hopen
op het einde van de nacht.

Belijdenis, zingen GK 177 Heer u bent mijn leven

1. Heer, U bent mijn leven, de grond waarop ik sta.
Heer, U bent mijn weg, de waarheid die mij leidt.
uw woord is het pad, de weg waar op ik ga,
zolang U mij adem geeft, zolang als ik besta.
Ik zal niet meer vrezen, want U bent bij mij.
Heer, ik bid U, blijf mij nabij.

2. ‘k Geloof in U, Heer Jezus, geboren uit de maagd,
eeuw’ge Zoon van God, die mens werd zoals wij.
U die stierf uit liefde, leeft nu onder ons:
één met God de Vader en verenigd met uw volk.
Tot de dag gekomen is van uw wederkomst,
dan brengt U ons thuis in Gods rijk.

3. Heer, U bent mijn kracht, de rots waarop ik bouw.
Heer, U bent mijn waarheid, de vrede van mijn hart.
En niets in dit leven zal ons scheiden, Heer.
Zo weet ik mij veilig, want uw hand laat mij nooit los.
Van wat ik misdaan heb, heeft U mij bevrijd,
en in uw vergeving leef ik nu.

4. Vader van het leven, ik geloof in U.
Jezus, de Verlosser, wij hopen steeds op U.
Kom hier in ons midden, Geest van liefd’ en kracht.
U die via duizend wegen ons hier samen bracht;
en op duizend wegen zendt U ons weer uit,
om het zaad te zijn van Gods rijk.

Bidden

Geven en kinderen terug

Zingen psalm 139: 1, 6, 14 LB

1. Heer, die mij ziet zoals ik ben,
dieper dan ik mijzelf ooit ken,
kent Gij mij, Gij weet waar ik ga,
Gij volgt mij waar ik zit of sta.
Wat mij ten diepste houdt bewogen,
’t ligt alles open voor uw ogen.

6. Wanneer ik mij geborgen dacht
in ’t vallend duister van de nacht,
werd dan de nacht niet als het licht ?
Hier lig ik voor uw aangezicht,
o God, hoe licht is zelfs het duister,
de nacht een dag die blinkt van luister.

14. Doorgrond, o God, mijn hart; het ligt
toch open voor uw aangezicht.
Toets mij of niet een weg in mij
mij schaadt en leidt aan U voorbij.
O God, houd mij geheel omgeven,
en leid mij op den weg ten leven.

Zegen

Geven:
Maak uw gift over op de rekening van de diaconie NL 70 RABO 0159 1200 20 t.n.v. Nederlandse Gereformeerde Kerk.
Of scan de QR-code.

 

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie